Opinie en verhaal

Column: Appels met peren vergelijken

Het werd een appeltaart. Eerst dacht ik dat het mijn beloning was omdat ik (eindelijk) de garage opgeruimd had, maar dat waren mijn eigen hersenspinsels. Het was gewoon omdat vrouwlief een zooitje appels gekregen had van een collega met boomgaard en ja, daar moet je dan wel wat mee doen.

- advertentie - 

En ik dien mij bij dit proces afzijdig te houden.

Want eten bereiden in het algemeen veroorzaakt hier in huis nog wel eens een discussietje. Dat steekt soms de kop op. Zoals bijvoorbeeld een maand geleden. Vrouwlief wist een adres waar je stoofperen kon halen, bij mensen met een perenboomgaard hier in Winschoten. Perenmevrouw Annelies was niet thuis maar er lagen twee zakken keurig op ons te wachten op het plateau bij de voordeur van de statige boerderij in Winschoten. De ene zak bevatte peren die zelf van de boom gestapt waren en de andere zak bevatte geplukte peren. Daar zit dus verschil in.

De gevallen peren zijn rijper dan die nog aan de boom hangen zeg maar.

Nu zijn wij zelf ook al een beetje aan de rijpe kant dus we voelden wel een klik met deze peren. Vooral mijn vrouw, die vindt stoofperen namelijk onlosmakend verbonden met ‘gezelligheid’, ‘herfst’ en ‘pruttelende pannetjes op het fornuis’.

Ik vind stoofperen gewoon lekker.

Toen we weer thuis waren wilde ik al beginnen met schillen maar ik kreeg de kans niet. Of beter gezegd, mijn vrouw wilde dat niet. Ik mocht er niet aankomen. En daar zit de crux aangaande onze discussietjes. Over hoe iets te koken. Zij is nogal van de stamppotjes en sudderpannetjes en ik ben iets moderner daarin. Neem bijvoorbeeld spruitjes. Zij kookt ze nog net niet snotgaar en ik hou de spruiten op bijtgaar. Dat laatste vind ik lekkerder maar de spruitjes ook, dat vertelden deze groene rakkers mij laatst toen ik ze aan het klaarmaken was.

Te lang in de pan vonden ze toch echt te heet.

Of het koken van prei. Ook daarin verschillen wij van mening. Mijn geliefde doet er altijd een beetje azijn door en kookt ook deze groente lang. En ja, dat vind ik helemaal niks. Peper en zout, meer niet wat mij betreft. En ook niet te lang koken. Verder leven wij best wel in vrede met elkaar hoor, zijn dit eigenlijk maar speldenprikjes in onze relatie en zal ‘de liefde van de man’ gewoon zijn doorgang blijven vinden via de gebruikelijke weg, de maag.

Want zij kan namelijk heel goed bakken!

En dat moet ik dan weer opeten. Het is vaak zo lekker dat ik naast het baksel ook nog vlinders voel in mijn buik. Dat weet ze en daar maakt ze handig gebruik van. In de keuken heeft ze bakboeken staan, onder andere van ene Rudolf. Dat is die gozer van TV, van 24 Kitchen. Soms is het hier in huis echt Rudolf voor en Rudolf na.

Dan voel ik mij als man behoorlijk ontmand zeg maar.

Ze ging dus zelf de peertjes schillen en al gauw hoorde ik wat gemopper. De schil was stug zei ze, waarop ik direct het schilmes voor haar ging aanzetten. Ik bood niet aan om te helpen met schillen want ja, dat wilde ze immers niet. Na enig gepuf moesten de peren gevierendeeld worden en nu werd ik wat zenuwachtig want daar moet je een goed mes voor gebruiken. Want een beetje stoer stoofpeertje laat zich niet zomaar het mes op de kruin zetten! Ik stond op en ging bij het aanrecht staan en keek hoe ze met het schilmesje de peer in vieren probeerde te snijden. Ze keek op en zonder een woord gezegd te hebben wist ik wat ze bedoelde:

“Doe ik het weer niet goed?”

Met dat ‘weer bedoelde ze het moment dat ze met de deegroller in de weer was voor een van haar taarten. Ik heb nogal de neiging mij er dan mee te bemoeien omdat ik ooit kokkie ben geweest. En dan leer je hoe je het deeg moet rollen met de deegroller. Het belangrijkste bij dit werkje is dat je tijdens het rollen het deeg regelmatig even los moet maken en bestuiven moet met bloem. Dan rolt het makkelijker uit.

Zij deed dat op dat moment niet.

En op de een of andere manier trek ik dan een smoel die boekdelen spreekt. En dat irriteert haar en ik snap dat. Als ik een klus doe waar ik niet goed in ben en er staat iemand met twee rechterhanden naar mij te kijken, irriteert mij dat ook. Vooral als ze dan zeggen: “Dat doe je verkeerd!” Daarom heb ik in de loop der jaren geleerd nooit te gaan klussen als er een ‘gediplomeerde’ bij staat.

Ik bracht het voorzichtig, met handschoenen aan zeg maar:

“Nee lieverd, je doet het hartstikke goed. Ik heb zo’n zin in dit baksel.” Dat is voor haar genoeg om door te vragen: “Wat doe ik niet goed?” “Niks lieverd, ik zou hooguit het deeg zo nu en dan even losmaken…en wat bestuiven..” en begon direct over iets anders.

Bijvoorbeeld bespreken wat ze de volgende dag wil eten.

Het schilmesje kwam duidelijk tekort om de harde peren te splijten. “Laat mij je even helpen!” zei ik en pakte mijn grootste koksmes. Ze liet het toe. Binnen no time waren alle peren gesneden en terwijl ik mijn mes schoonmaakte en weer in de la legde liet ik haar alleen met de rest van het proces. Dat was voor haar voldoende, nu kon ze ongestoord de wijn, suiker en kaneelstokjes toevoegen. De volgende dag waren de twee grote pannen met peren afgekoeld en ja, ze waren heerlijk. Ze vulde er tientallen bakjes en potjes mee want het was niet alleen voor ons zelf.

Vorig weekend was dus een appelweekend. Naast appeltaart stonden er nu allemaal potjes appelmoes. Allebei van zeer hoge kwaliteit. Om niet bij elk kopje koffie een stuk appeltaart te nemen besloten we een deel in te vriezen. Maar dat ging niet.

De vriezer lag vol met bakjes stoofperen…

- advertentie - 

Dit kan u ook interesseren

Back to top button
Close