Column: Een klus om door een ringetje te halen

De dame hier in huis is blij met mij want ik heb de schutting geverfd, een klus waarvan ze eigenlijk gewild had dat ik het vorig jaar al gedaan had. Dat zit best wel een lange tijd tussen, maar ze weet dat wanneer zij mij vraagt een klusje te doen, ik daar eerst uitvoerig over nadenken moet. Door dat nadenken is de kans groot dat ik daardoor een klusje vergeet, dan heb ik te veel aan mijn hoofd. Daarom vraag ik haar om het op te schrijven.
Daar heb ik zelf ook een handje van.
Maar toen de temperaturen zich onlangs enigszins normaliseerden, gaf ik op een mooie dag aan de schutting én een deel van de overkapping te gaan verven. Zomaar ineens en zonder smoesjes, zoals bijvoorbeeld dat het te vochtig of te koud is om te verven. Nu zijn dat geen echte smoesjes, er zijn periodes in het jaar dat je beter niet buiten moet willen verven. Alleen moet je dan niet die smoesjes het hele jaar gebruiken, dan raken ze uitgewerkt.
Ik moest nu wel aan de slag.
Het verven was prima te doen, want het betrof het grovere werk; lange halen snel thuis zeg maar. Wel eerst even een en ander afplakken, maar daarna kon ik aan de slag, uiteraard onder het genot van muziek via een speakertje of via oortjes waardoor ik mij helemaal afsloot van de omgeving en in volle concentratie mijn werk kon doen. Het lukte mij zelfs om een lampje weer aan de praat te krijgen. Dat dit lampje al een mooi poosje niet meer werkte was mij uiteraard ook bekend. Maar ook daar moest eerst over nagedacht worden. Dat nadenken gaat mij altijd prima af!
En dit was nog maar fase één!
Fase twee is wat pittiger en daar ben ik nog over aan het nadenken. Want dat behelst namelijk eerst schuurwerk, schoonmaken en dan verven. Het is het Douglashout gedeelte van de overkapping want dat is nogal verweerd in de loop der jaren, vandaar dat schuren. Want onder die laag komt het goudgele douglaskleurtje weer tevoorschijn, een ontdekking van de dame hier in huis. Ze had een stukje schoongemaakt met een schuursponsje en toen kwam de kleur weer terug.
En dat betekende voor mij extra werk!
Maar goed, daar ben ik nog over aan het nadenken. En ook over wanneer ik het ga doen want ja, het kan te vochtig of te koud zijn om te verven én ik moet dan natuurlijk wel vrij hebben van werk. Toen ik haar dat vertelde, moest ze hard lachen. Want ik mag sinds ik 62 jaar ben, minder werken. Met zo’n regeling, om zo de oudjes langzaam te laten wennen aan een werkloos leven. Of, voor de zure matten onder ons, om je uit te rangeren omdat ‘het toch allemaal al minder werd’. En dat betekent dat ik soms meer dan twee dagen vrij ben waardoor er eigenlijk zat tijd is om een overkapping te schuren en te verven. Uiteraard had ik daar een antwoord op, maar ik voelde aan alles dat ze dit een zwaktebod zou vinden:
‘Maar ik moet nog wennen aan dat minder werken, na 44 jaar fulltime gewerkt te hebben!’
Net op het moment dat zij daarop wilde reageren, kwam de buurvrouw van verderop de tuin in lopen. Ze had groot nieuws: zij en haar vriend zijn, na jaren illegaal met elkaar tafel en bed gedeeld te hebben, getrouwd! Ze hadden het niet groots aangepakt hoor, dit was zo’n flitshuwelijk geweest. Dat werd zeg maar tussen twee koffiepauzes van de trouwambtenaar geregeld. Dat deed me denken aan ons soortgelijk flitshuwelijk. We moesten eerst een voorgesprek houden. Dat was enkele weken voor de Grote Dag en dat duurde een klein half uur. Ik durf zelfs te beweren dat we al enigszins in een deel van die ambtenaar zijn pauze zaten. Toen we dan uiteindelijk voor het eggie gingen vloog de ceremonie in een flits aan ons voorbij, voordat we het wisten stonden we alweer buiten!
Het was eigenlijk niets meer dan een tienminuten gesprek!
De buurvrouw liet haar trouwring zien, 14-karaats met een grote diamant en daaromheen kleine diamantjes. Mijn eerste gedachte bij het zien van die prachtige ring? Wat een uitslover die vent van haar! Maar ik hield me stil, want dit was voor mij het moment om vooral nu dit schouwspel zo neutraal mogelijk te aanschouwen. Ik kroop daarom weg achter mijn laptopje waar ik op zat te schrijven. Want ik wist natuurlijk al lang wat er komen ging. Als je elkaar een beetje kent dan kun je elkaar op een gegeven moment ook helemaal uittekenen. En ja, het kwam ook, op het moment dat buurvrouw de dame hier in huis de ring liet zien, keek de dame nadat ze vol lof was over de ring en de buurvrouw met superlatieven overlaadde, mij aan met een blik van …
“Zo kan het ook!”
Ze was niet echt boos hoor, maar ze doelde op de ringen die we voor ons trouwen aangeschaft hadden; twee zilveren ringen die we al na enkele maanden terug gestopt hadden in het doosje want ze zaten niet zoals wij in het leven staan;
Beknellend.
Dus ik begreep haar volkomen, had het ook anders gewild, maar soms is niet alles direct bereikbaar. En we kwamen ook allebei uit een scheiding waardoor het financieel pittige tijden waren. Het ging dan ook om de symboliek én het had een praktische kant, namelijk dat we dan onze trouwdatum niet zouden vergeten.
Wat we alle trouwdagen daarna toch deden; of we waren een dag te vroeg of een dag te laat.
Vervolgens vertelde de dame hier in huis een verhaal die ik even kwijt was, namelijk dat ik haar in onze verkeringstijd, begin jaren 80, een ring gegeven had. Omdat ze haar diploma Doktersassistente gehaald had. Die ring is zij altijd blijven dragen, ook toen het na twee jaar uitging en wij allebei, zonder elkaar, een nieuw leven opgestart hadden.
Toen wij elkaar na dertig weer gevonden hadden, gebeurde er iets opmerkelijkst.
Het ringetje was zo versleten dat het knapte..
Nu moest ik wel reageren want dat was de enige manier om mijn treuzelend gedrag om een ring te kopen voor mijn geliefde, te verklaren:
“Ja schat, jij bent voor mij zoveel waard dat ik nog steeds aan het sparen ben!”




































































