Opinie en verhaal

Column: Terug naar de kust

- advertentie -

Het blijft voor mij een waar genoegen om ouder te mogen worden. Niet altijd hoor, zo nu en dan vervloek ik het. Bijvoorbeeld na het opstaan. Vooral na het opstaan wanneer ik niet een wekker gezet heb. Dan loop ik soms scheef de badkamer in van de stijfheid in mijn rug. En soms duurt het nóg langer om het lijf weer flexibel te maken en loop ik scheef over straat de hond uit te laten.

- advertentie -

Uiteindelijk loopt alles, op de hond na, dan wel weer los.

Die rugklachten heb ik al een jaar of veertig, maar met de jaren lijkt de frequentie van die klachten af te nemen en zijn ze minder hevig. Ik kan mij dagen herinneren dat de boel zo vastzat dat ik niet meer voor- of achteruit kon. Dat het de laatste jaren beter gaat, heeft, denk ik, te maken met het feit dat ik veel meer ben gaan bewegen. Maar zeker weten doe ik dat nu ook weer niet natuurlijk.

Ik ben immers geen dokter.

Maar wanneer ik korter slaap, meestal als ik naar mijn werk moet, heb ik nergens last van en spring ik als een jonge god uit het bed, doe ik er nog net niet een salto achteraan! Het ligt ook niet aan het bed. Wij hebben beiden nog nooit zo’n lekker bed gehad. Zonder te overdrijven, maar elke avond als wij in dat bed gaan liggen nestelen we ons minutenlang in het gewenste standje en roepen we kreunend van genot dat het zo’n fijn bed is! Dat is best raar en dat beseffen we ons ook. En vooral als je dan net voorbij ons huis zou lopen is de kans groot dat je ons hoort. Want wij slapen namelijk altijd met het raam open. Dat doen we omdat ik in mijn dromen vaak een sigaretje opsteek. Ondanks dat ik acht jaar geleden gestopt ben met roken.

De verslaving woekert voort, maar gelukkig zijn dromen bedrog.

Maar ik vind ouder worden wel lekker. Modern gezegd: ik ga daar wel goed op. Uiteraard het liefst zonder al te veel gezondheidsklachten, maar daar hebben we over het algemeen weinig over te zeggen. Je kan er natuurlijk wel iets aan doen, door bijvoorbeeld wat gezonder te leven, maar wel met de kanttekening dat ook gezonde mensen doodgaan.

Daar valt geen speld tussen te krijgen.

Als je ouder wordt, ga je op de een of andere manier ook bewuster leven. Word je je bewuster van de betrekkelijkheid van het bestaan. Die bewustwording leert mij bijvoorbeeld dat ik nu nog dingen over mijn familie kan vragen aan mijn vader. Over zijn leven, maar ook over hoe onze voorouders leefden. Over hoe zij elkaar ooit hebben leren kennen want dating-programma’s of apps had je toen niet. Dat vind ik razend interessant omdat het tijden waren die we ons nu haast niet meer voor kunnen stellen.

Misschien werden ze wel uitgehuwelijkt.

- advertentie -

Of werden ze in de kerk expres naast elkaar gezet? Want in die tijd was de kerk nog bepalend, vertelden hun leiders wel even hoe jij leven moest, met wie je leven moest én dat je grote gezinnen moest stichten. Je kan het je tegenwoordig nog nauwelijks voorstellen zou je denken, alhoewel sommigen heel graag terug willen naar die dwingende hand van hun Almachtige Leider. Behalve als het om een ander geloof gaat, dan keurt men dat af. Want dat past natuurlijk niet in hun straatje.

Zo vervelend kunnen wij mensen zijn naar elkaar.

Maar van de week werd ik mij ineens bewust dat mijn beide oma’s opgegroeid zijn aan de kust. Mijn moeders moeder in Den Helder en mijn vaders moeder in Harlingen. Nu ben ik zelf ook opgegroeid in een kustplaats, namelijk Terschelling. Helaas niet geboren, ik lag namelijk dwars en mijn moeder moest met enige spoed naar Harlingen gebracht worden en die taak heeft toen de sleepboot De Holland uitgevoerd.

Die boot kwam overigens van de werf Ferus Smit, uit het Groningse Foxhol.

Mijn opa’s kwamen uit respectievelijk Zaandam en Amsterdam en dan vraag ik mij weer af hoe deze mensen, allen zo om en nabij het jaar 1900 geboren, elkaar hebben leren kennen. Hoe dat überhaupt ging. Ik leerde de dame hier in huis kennen toen zij op vakantie op Terschelling kwam. Dat was toch wel een heel groot voordeel van het wonen op een eiland;

Ze kwamen in groten getale met de boot!

Appeltje- eitje zeg maar. Niet dat wij eilander jeugd met elke van de boot aflopende jongen of meisje direct een liefdevolle relatie begonnen, integendeel. Er ontstonden ook vriendschappen of, moderner gezegd, we vormden zo een heel netwerk. Wat dat laatste betreft, toen ik als 20-jarige knaap naar Den Haag vertrok om daar een leven op te bouwen, bezocht ik een zo’n vriendschap uit mijn netwerk, ik had ooit zijn adres opgeschreven in mijn adressenboekje. Dankzij hem had ik binnen de kortste keren een kamer én een baan!

Hij studeerde in Den Haag en ja, hij kwam uut Grunn!

Ik zie steeds vaker de verbanden en soms denk ik wel eens dat het leven voor ieder van ons al helemaal uitgestippeld is. Dan zie ik het verband van aan de kust wonen, want na vier jaar in Den Haag gewoond hebben, verhuisde ik naar Scheveningen. En daar lag in de haven een voor mij zo bekend schip, namelijk De Holland. Die stond toen nog onder contract van Rijkswaterstaat en was helaas ook in die kleuren als zodanig te herkennen. En jaren en jaren later ben ik weer terug bij dat meisje die ik ooit op Terschelling heb mogen leren kennen, waar ik verliefd op geworden ben en waar ik destijds twee jaar lang verkering of modern gezegd, een relatie mee mocht hebben.

En nu wonen we alweer acht jaar bij elkaar!

Dankzij mijn huidige werkgever. Die gaf mij in 2018 de kans om voor hen te gaan werken en die werkplek lag ook weer aan de kust, namelijk in de Eemshaven. En ja, dan moet ik weer denken aan dat mooie liedje van Maggie MacNeal;

-Ik wil terug naar de kust

Heel ongerust zoek ik de weg naar de kust

Bijna niet bewust van de dreiging dat daar mijn jeugd voorbijging-

- advertentie - 

Dit kan u ook interesseren

Back to top button